11. De geit en Toffie

“ Wat doet die gekke poes nou weer, Kom eens kijken.” Ted kwam op het geroep van zijn vrouw af en zag voor het kleine hek aan de bergkant van zijn tuin een geit staan en daaromheen liep hun poes Toffie als een gevangenisbewaarder, zodat de geit geen kant op kon. Toffie had die naam gekregen vanwege zijn prachtige toffee kleurige vacht. Maar zo zoet als de naam klonk was hij niet, hoe kon hij de baas zijn over een dier dat veel groter was. Maar op de een of andere manier heeft hij die geit gevonden en geprobeerd om haar naar huis te brengen.

“Wat moeten we met die geit, van wie zou die zijn?” Ted en Peggy hadden geen idee wat ze daar mee aan moesten. “Ik bel Juan, die weet vast wel wat we moeten doen.” Juan woont in het dorp en reageerde dat hij direct zou komen. Maar hij haalde een grapje uit en samen met zijn vrouw zetten ze een heel grote pan in de auto en wat grote lepels en een nog groter mes en reden via Karin, een gezamenlijke vriendin, en vertelde haar dat ze op weg waren naar Ted en Peggy want die hadden een geit gevonden, tenminste Toffie had er een gevangen. “Lekkere stoofpot.” riep Juan terwijl hij wegreed. De geschokte Karin rende in paniek naar haar telefoon en belde naar Peggy dat ze de geit moesten verstoppen, want Juan kwam er aan met een groot mes, hij wilde die geit slachten!

Grote hilariteit toen Juan aan Ted en Peggy vertelde wat hij tegen Karin had gezegd. “Het is een oude magere geit,“ zei Juan toen hij de geit bekeken had. “niet eens goed genoeg voor een stoofpot.” zei hij er lachend achteraan. Tja wat moesten ze met die geit? Juan adviseerde om de police local te bellen, waarschijnlijk konden zij er wel achter komen van wie die geit was. De police local kwam poolshoogte nemen en vonden een oormerk, ze zouden links en rechts informeren wie de eigenaar was. De avond viel, het werd donker en de geit stond nog altijd voor het tuinhekje, Toffie bleef haar trouw bewaken. Ted en Peggy wisten niet wat ze ermee aan moesten, een ruimte om het dier in op te sluiten hadden ze niet. “Laat haar maar staan, morgen zien we wel weer verder.”

Ze werden de volgende ochtend wakker doordat er een oud bestelbusje tegen de berg opreed en er een oude spaanse man aanbelde. “Ik kom mijn geit ophalen,” zei de man, “de politie heeft me gezegd dat jullie hem hebben.” Terwijl ze met elkaar naar het tuinhek liepen zagen ze direct al dat er geen geit meer stond en Toffie bleek lekker binnen te liggen slapen. Wat nu? De oude Spaanse man stelde voor om te gaan zoeken op de berg achter het huis. Dat was een forse klim maar ze wilden die oude man toch helpen en die geit moest toch ergens zijn. De hele berg werd afgezocht, van beneden naar boven en weer terug, ook bij de weg werd gezocht, het dier kon naar de straat gelopen zijn en door een auto aangereden, zulke dingen gebeuren. Maar nee, ook daar was niets te vinden. Teleurgesteld ging de oude man weer weg. Het bleef een vreemd raadsel. Wat was er met die geit gebeurd, zij kon toch niet zomaar in het niets verdwenen zijn. Zou iemand haar soms gevonden hebben en meegenomen? Het was tussen kerst en oudjaar!

Peggy en Ted dachten er daarna niet meer aan, andere dingen namen hun aandacht in beslag. Oudejaarsavond kwam en zoals de meeste jaren werd dat met een grote groep vrienden gevierd in de schuur van Juan. Muziek, dansen, goede wijn drinken, genieten van allerlei tapas en dit jaar stond er zelfs een grote stoofpot op het vuur, het rook heerlijk. Lamsvlees zei Juan. Lamsvlees? Of was het geitenvlees? Zou hij…? Nee dat kon echt niet, hij had toch zelf gezegd dat die geit veel te oud en te mager was voor de stoofpot!


Marijke Derksen

Abonneer je en blijf op de hoogte

Disclaimer; niets van deze website mag worden gebruikt worden zonder de schriftelijke toestemming van Sun and Grapes. Meer info...

©2020 by SUN AND GRAPES