25. Integratie

Integratie!  Mooi woord! Volgens het Nederlandse woordenboek betekent het, `het maken van, of, opnemen in een groter geheel.´ in het Spaans schrijf je `integración´ dat klinkt nog mooier dan het Nederlandse woord. Eigenlijk als iets gracieus. Maar is het dat wel? Als ik op tv zie hoe het in Nederland gaat en als ik hier om me heen kijk hoe moeilijk mensen het zichzelf en ook anderen soms maken denk ik dat er van de betekenis van dit mooie woord weinig overblijft.

Eigenlijk is het toch helemaal niet zo moeilijk. Ik mag dat zeggen want ik spreek uit ervaring. Dertig jaar geleden verhuisden wij van Gelderland naar Friesland om onze kinderen in een betere omgeving te laten opgroeien. We kozen voor een boerderijtje in een klein dorp. De mentaliteit van de mensen die daar woonden was anders dan waar wij vandaan kwamen.

Beter, gezonder en met meer respect voor elkaar. Veel dingen waren anders dan wij gewend waren. De zondagsrust was erg belangrijk, terwijl in onze vorige woonplaats de mensen juist de zondag gebruikten om allerlei klussen te doen waar men door de week niet aan toe kwam. Dus op zondag de was doen en buiten hangen was heel gewoon. Grasmaaien en de auto wassen waren dat ook. Karweitjes waar de zondag goed voor was. Maar in dit lieflijke landelijke dorpje ging men naar de kerk en hield de rest van de dag rust. Het was in het begin zelfs nog zo dat de kinderen niet op straat speelden op zondag. Het was even wennen, maar we deden geen dingen die men daar ook niet zou doen en lieten ons al snel `opnemen in het grote geheel.´ want dat was toch de bedoeling. We wilden er graag bijhoren, èèn met de mensen in het dorp zijn. Net oars! Zoals de Friezen dan zeggen. De kinderen gingen in het dorp naar school en spraken al snel de Friese taal. Gelukkig verstaat men in Friesland de Nederlandse taal wel, dus voor mij was het een kwestie van Fries leren verstaan, maar het was niet speciaal nodig om ook Fries te spreken. En dat lukte goed. We pasten ons aan maar men gaf me wel de ruimte om mezelf te blijven en werd daar ook om gewaardeerd. Ik heb een heerlijke tijd daar in dat dorpje gehad en weet zeker dat ik volledig door de dorpelingen was opgenomen.

Een mooi voorbeeld daarvan is een uitspraak van een van de dorpelingen nadat we er al een paar jaar woonden. Er waren een paar huizen gebouwd bij ons in de straat en werden toen ze klaar waren bewoond door mensen uit het westen van het land. Ik was in de tuin aan het werk toen de oude beppe van de overkant me over de heg heen aansprak, ze maakte me complimenten over mijn tuin. Direct daarna klaagde ze haar nood over de nieuwe bewoners en zei tegen mij; `het is niet leuk he, al die Hollanders!´  Ben je dan geïntegreerd of niet?

We zijn binnen Friesland twee keer verhuisd, een keer omdat we een mooiere boerderij konden kopen en de laatste keer omdat de leeftijd ging spreken en al het werk op de boerderij me toch teveel werd en het dan fijn is om in de stad te wonen waar je alles dichtbij hebt en waar zoveel te doen is voor wat oudere mensen.

Al wonen we nu in Spanje, toch kan ik zeggen dat de mooiste jaren van mijn leven in Friesland waren. Tijdens ons leven in Friesland is er een onderbreking geweest van drie jaar, mijn echtgenoot werd voor zijn werk uitgezonden naar Egypte. Ik ging mee en kwam weer in een totaal vreemde omgeving terecht waar aanpassen nog veel moeilijker en belangrijker was dan in Friesland, als je tenminste opgenomen wilde worden. Dat wilden we natuurlijk wel. We wilden geen buitenstaander blijven  in een zo bijzondere cultuur. Ook Egypte heeft mijn hart gestolen en de tijd dat we daar woonden is nog altijd een dierbare herinnering. Nog altijd hebben we Egyptische vrienden die opbellen met verjaardagen, met kerst de moeite nemen om in een islamitisch land een kerstkaart voor ons te vinden.

Toch gaat het daar helemaal niet vanzelf. Met argusogen werd er in het begin naar me gekeken. Een lichtblonde vrouw met een roze huid zag men daar niet dagelijks. Ik heb daar geleerd om me te houden aan de kledingvoorschriften die daar gebruikelijk waren. Een rok altijd tot over de knieën, mouwen tot over de ellebogen en de halsopening niet te laag. Zelfs bij veertig graden hitte. Zedig dus. Ook werd ik in het begin getest. Wanneer ik met zwaarbeladen tassen naar huis liep na het boodschappen doen, stopte de auto van onze huisbaas naast me en hij vroeg of hij me naar huis mocht brengen. Het was verleidelijk, de zon stond hoog aan de hemel, mijn voeten waren door de warmte opgezet, de tassen leken steeds zwaarder te wegen. Ik kende die man toch. In Nederland zou het heel normaal zijn geweest om in te stappen en je voor je huis af te laten zetten. Maar daar in dat islamitische land was dat niet gewoon. Dat wist ik en bedankte hem vriendelijk en liep met mijn boodschappen naar huis. Na verschillende van deze testen werd ik goedgekeurd en werden we bij hem thuis uitgenodigd en aan zijn familie voorgesteld. Ik vergeet nooit dat hij aan mijn man wilde vertellen hoe goed ik was. Hij sprak een paar woorden Engels en zei heel trots; `madam, beerie beerie good!´

Zo werden we met deze Arabieren vrienden voor het leven, alleen maar door een beetje moeite te doen om hun taal te leren en ons aan te passen aan de gebruiken van hun land en respect te hebben voor hun cultuur en geloof.

Nu wonen we sinds tweeënhalf  jaar in Spanje en ook hier hebben we ons aangepast. Ik ga nu naar een Spaanse school om de taal te leren van een Spaanse lerares. De taal leren is een van de belangrijkste dingen om te integreren. Mijn man sprak gelukkig al goed Spaans. We respecteren de gewoontes van dit land en leven mee met de dagelijkse en minder dagelijkse dingen die men hier organiseert. Als er een dorpsfeest wordt gehouden zijn we er altijd bij, ook bij alle religieuze festiviteiten zijn we aanwezig. Ook wij zijn katholiek zoals de meeste mensen hier, maar toch zijn de processies en de feestdagen voor de meeste heiligen ons vreemd, maar het hoort bij onze nieuwe leefgemeenschap en daar willen we bij horen.

Als er een boomplantdag georganiseerd wordt of een processie naar het kapelletje van San Isidro ter gelegenheid van zijn naamdag, of als er een dansavond speciaal voor de ouderen wordt georganiseerd omstreeks de kerstdagen, de jaarwisseling op het plein voor het gemeentehuis compleet met druiven en champagne en daarna het nieuwjaarsbal in de markthal, we zijn er altijd bij. Carnaval vierden we in Nederland eigenlijk nooit. Hier gaan we wel naar carnaval, omdat de gemeente ambtenaren het speciaal gevraagd hadden. Carnaval is kleinschalig in dit dorp, er komen niet erg veel mensen, tot nu toe heb ik er nog geen buitenlanders bij gezien. Maar wij vinden dat de feestcommissie van het dorp erg veel doet om leuke dingen voor de inwoners te organiseren, dan moet je er ook zoveel als mogelijk aan deelnemen.

We zitten dagelijks op een van de terrassen in het dorp en praten met de dorpsbewoners en vragen ook aan de bijna blinde vrouw, die ons aan onze stemmen herkent, hoe het met haar gaat nadat we elkaar eerst met kussen hebben begroet. We lezen de wekelijkse streekkrant zodat we weten wat er in de omgeving plaatsvindt. Mijn lief is lid geworden van een motorclub die alleen uit Spaanse mannen bestaat en ik heb me aangesloten bij de Amas de Casa, de Spaanse huisvrouwenvereniging.

Maar we gaan niet alleen naar de mooie en leuke dingen, als er een dorpeling overleden is en men vertelt ons dat, dan gaan we ook naar de begrafenis zoals bijna iedereen uit het dorp. In het weekend, als onze Spaanse buren vanuit de stad naar hun finca op het land zijn gekomen, dan bezoeken we elkaar over en weer en hebben op die manier goed contact. Dat is bijzonder want meestal ontmoet men in Spanje elkaar in een restaurant of bar, op een terras in het dorp of stad. Visite aan huis is alleen voor familie en heel goede vrienden.


Dat ons dat gebeurt zegt genoeg over de manier waarop wij geïntegreerd zijn.

Dan kom ik terug bij waar ik mee begon, integreren is  `maken van of opnemen in een groter geheel.´ we voelen ons opgenomen in dat grote geheel dat Spanje heet, ons nieuwe thuisland.

En dat is een goed gevoel!


Marijke Derksen.