36. Fuzy

Peggy heeft een leuke oude auto, een kleine BMW uit de jaren 80. Toen ze het lang geleden kocht van een dame in Canada, had deze auto al de naam FUZY. Genoemd naar een deel van het kentekennummer. Als ze over deze auto spreekt heeft ze het nooit over haar BMW maar over haar FUZY. Het is haar troetelkindje.


Ze heeft ook een nog veel jongere auto, maar als ze met FUZY weggaat is ze helemaal in haar element. De auto is niet zo groot en begint al ouderdomsverschijnselen te krijgen, maar is nog altijd een lust voor het oog om te zien en Peggy geniet dus met volle teugen als ze met FUZY op stap is. Ze rijdt er de hele Costa Blanca mee rond en menigeen herkent haar door haar lieveling. Peggy is een pittige rijdster, niet van dat slome, al is haar autootje dan niet zo jong meer, het lukt nog steeds om het gaspedaal een flink zetje te geven en met een lekker vaartje over de Spaanse wegen te racen. Maar ze is een ervaren rijdster, dus alles gaat altijd goed. Ze neemt echt geen onnodige risico's, heeft een hekel aan bekeuringen, dus ze kijkt echt wel uit.


Op een dag moest ze naar Aspe, even winkelen en daarna gelijk maar even bij de dierenarts langs. Terwijl ze door de smalle straatjes van het stadje reed zag ze de auto van de Guardia Civil in de achteruitkijkspiegel. Als ze afsloeg naar een ander straatje volgde deze auto haar ook. Toeval? Nog maar eens een ander straatje in. Ja hoor, daar kwamen ze weer achter haar aan. Geen toeval? Had ze iets verkeerd gedaan? Peggy controleerde voor alle zekerheid of ze de gordels wel om had, terwijl ze toch zeker wist dat ze die om gedaan had. De hele rit door Aspe ging door haar hoofd, piekeren, wat heb ik verkeerd gedaan. Ze wist het niet, ze wist eigenlijk wel zeker dat ze niets verkeerd gedaan had.  Geen mensen op het zebrapad aangereden? Nee, ze was netjes gestopt om de mensen te laten oversteken. Ook niet te hard gereden, nee dat kon niet eens in die smalle straatjes. Maar waarom volgde ze haar dan? Als ze langzamer ging rijden dan ging die auto achter haar ook langzaam rijden. Ze werd er een beetje zenuwachtig van. Guardia Civil! puh, die zijn best wel streng, kun je beter niet mee te maken krijgen, spookte het door haar hoofd. Bij de dierenarts voor de deur was nog net één plekje vrij, dus daar maar parkeren, eens kijken of ze dan doorreden. Maar terwijl ze stopte en netjes in parkeerde reed de auto van de Guardia Civil tot precies voor de neus van FUZY, eigenlijk werd ze klem gezet! Nu schrok ze toch wel heel erg, Wat nu!


Twee agenten stapten uit en kwamen naar haar toelopen, ondertussen FUZY goed bekijkend. `wat heb ik verkeerd gedaan?’ vroeg Peggy toch wat gedwee. De mannen begonnen te lachen en zeiden gelijk dat ze niets verkeerds had gedaan maar dat zij deze BMW zo leuk vonden of ze hem even mochten bekijken. Ze vroegen van alles over FUZY, waar hij vandaan kwam en hoe oud hij was en alles wat maar interessant voor hen was. Peggy voelde de zenuwen van haar rug af glijden en ontspande en vertelde wat ze weten wilde. Dat het niet alleen belangstelling om te kijken was waarom ze haar achtervolgt hadden bleek toen een van de agenten vroeg of hij FUZY mocht kopen.


Maar dat ging echt niet door, FUZY was haar lieveling en die wilde ze echt niet kwijt. Wat door de beide mannen wel begrepen werd en na een leuk gesprek en een warme groet stapten ze weer in de politieauto en reden nog even naar haar zwaaiend weer weg.


Zo zie je dat een ontmoeting met de Guardia Civil niet altijd een negatieve ontmoeting hoeft te zijn. En Peggy rijdt nog altijd heel fijn met haar FUZY rond.


Marijke Derksen