47. Stop! Politie!  

Ik heb het al eens geschreven dat Ismaël, de politieman in ons dorp, mijn beste vriend is. Ik ken hem en zijn familie al jaren. Toen we hier pas woonden werden we via Antonio uitgenodigd om mee te gaan naar een restaurantje hoog in de bergen. Een lief echtpaar  Paqui en Manolo hadden van hun finca een restaurant gemaakt en gaven regelmatig feestjes en etentjes, ze stonden bekend om hun heerlijke vleesgerechten.


Manolo had jaren in Argentinië gewoond en daar geleerd hoe je vlees het beste kunt bereiden,  grillen was zijn specialiteit. Op die avonden genoten we van het heerlijke eten, het goede gezelschap en niet te vergeten de muziek. Er waren familieleden en vrienden van hen die prachtig gitaar kunnen spelen en daarbij ook zongen. Ismaël hielp zijn ouders, als hij geen dienst had. Hij was toen nog jong, ik mocht hem graag, maar van een speciale vriendschap was toen nog geen sprake. Dat gebeurde na het overlijden van mijn grote liefde. Wat gebeurt er met een eenzame verdrietige vrouw als je van iemand speciale steun en aandacht krijgt. Ik ging hem met andere ogen zien. Hij was niet meer die jongeman die zijn ouders hielp. Hij was ineens die stoere politieman die mij steunde en lief voor me was als ik dat nodig had. Bij alles wat moeilijk was, en dat was het nogal eens toen ik net weduwe was, was hij er om me bij te staan, dingen voor me te regelen met instanties en indien nodig advies te geven. Eigenlijk hielp hij me met alle dingen die normaal mijn echtgenoot deed. Regelmatig kwam hij naar mijn finca en dronk koffie met me en sprak bemoedigende woorden.


Met zijn ouders werd de vriendschap ook inniger, bij alles wat ze te vieren hadden werd ik uitgenodigd. en ook als er niets te vieren was wilden ze me graag zien en regelmatig ging ik bij hen ontbijten en was erg blij er Ismael dan ook te zien. Enkele maanden na het overlijden van mijn man ging ik zoals iedere week naar het kerkhof, maar deze keer ging het fout, ik begon ineens vreselijk te huilen, ik miste mijn lief zo. Alles ging verkeerd en na een slapeloze nacht wilde ik de volgende dag een eind maken aan dit eenzame leven. Niemand zou me missen. Toch moest ik ineens aan al die lieve vrienden denken, zij zouden me wel missen. En voor Ismaël zou het vreselijk zijn om als politieman in functie mij na zoveel dagen te vinden. Ik heb hem gebeld en huilend verteld hoe het er voor stond. Hij liet alles wat hij aan het doen was liggen en kwam gelijk naar me toe, sloeg zijn armen om me heen, troostte me en sprak me bemoedigend toe tot ik weer kalmeerde en weer normaal kon denken.


Dit gebeuren versterkte de band tussen ons nog meer en om een oogje op me te houden kwam hij nog vaker op bezoek dan voorheen. Ik vond het heerlijk als hij bij me was of als ik hem ergens anders tegenkwam en dat gebeurde nogal eens in deze kleine gemeenschap. Nee, ik was niet verliefd op hem, maakte ik mezelf wijs, hij was mijn beste vriend. Ik hield net zoveel van zijn verloofde Caro en kon ook met haar goed opschieten. Met haar kwam hij ook bij me op visite en gingen we regelmatig samen uit eten. Nee er was niets anders tussen ons dan een heel sterke band en erg goede vriendschap. Maar als de politie in het dorp bij het uitgaan van de school controleert dat men niet te hard reed, mocht iedereen doorrijden maar moest ik mijn auto stoppen en aan de kant van de weg gaan staan en kwam hij met een streng gezicht naar me toe en zei, `papeles o un beso?’ (Papieren of een kus.) Ja dan kreeg hij natuurlijk een kus en lachend reed ik dan weer door.

Mijn beste heel speciale vriend! Ik ben niet de enige vrouw waar hij zo goed voor was, ik weet dat eigenlijk iedereen in en om het dorp van hem hield, hij was een goed en heel sympathiek mens. Altijd bereid om iedereen te helpen. Hij hielp me toen ik mijn finca verkocht, er waren wat dingen die niet in mijn voordeel werden geregeld en daar stak hij een stokje voor en ook bij de overdracht bij de notaris was hij er bij om te controleren dat alles goed zou verlopen. Maar er was ook wel eens een tijd dat ik hem minder zag, bijvoorbeeld in de weken dat hij bijscholing of een of andere cursus voor zijn werk moest doen. Dan werd ik onrustig en wilde hem zien, maar soms gaat dat gewoon zo en heb je het maar te nemen zoals het is.

Tot op die dag dat ik voor de stoplichten in het dorp stond te wachten, ik stond vooraan dus was de eerste die wegreed toen het licht groen werd. Ik zag aan het andere eind van de straat de politieauto als eerste voor het daar rode licht staan te wachten. Zou dat Ismaël zijn? ging het door mijn hoofd. Toen ik dichterbij kwam zag ik dat hij inderdaad in die auto zat en ik stopte mijn auto vlak naast de politieauto. Het was zo fijn om hem weer te zien, we hadden elkaar zoveel te vertellen en lette niet op de lange rij auto's die achter mij stilstonden, want ze konden er niet langs. Ook achter hem stond ook een rij auto's te wachten. Het stoplicht aan zijn kant werd groen, maar wij hadden er geen erg in, alleen oog voor elkaar. Na de belofte van hem om me gauw weer eens te bezoeken, reed ik door en de rij auto's achter me volgde.


Wat later thuis ging de telefoon, het was een van mijn vriendinnen. `jij bent ook een mooie om het hele verkeer in het dorp stil te leggen, ik stond een paar auto's achter je en ik had iemand in de auto die dacht dat er wat ergs was gebeurd, waarop ik hem heb gezegd dat het wel mee zou vallen, ik zag met wie je aan het praten was.’ Ze lachte en voegde er nog aan toe dat toen ze langs de politieauto reed, Ismaël met een brede glimlach achter het stuur zat. Hij moet wel gedacht hebben wat een lef heeft die vrouw om het hele verkeer te laten stoppen om even met mij te kunnen praten! En dat nog wel met de politie in de buurt!  


Marijke Derksen