Kerstmis en Kunstnagels

Het is vandaag tweede kerstdag. Kerstmis is een tijd van herinneringen, zeker als je alleen in huis zit en er door het corona-virus weinig of niets gebeurd. Mijn herinneringen aan kerst zijn er vele. Sommige heel mooi en dierbaar, sommige triest als ik denk aan al die jaren zonder mijn lief kerst te moeten vieren omdat hij ver weg op zee was. Sommige herinneringen warm en vol liefde aan de prachtige momenten die ik met mijn kinderen heb meegemaakt. Herinneringen uit mijn vroege jeugd. Als klein meisje zat je thuis met je familie bij de kerstboom waar echte kaarsjes in branden. Er stond een emmer met zand naast die boom voor het geval de boom vlam zou vatten. Een oom vertelde dan een prachtig kerstverhaal. Een dierbare herinnering.


Ook zijn er herinneringen waar ik nu om moet lachen. Ik ga heel ver terug in de tijd. Ik zal ongeveer zestien jaar geweest zijn. Het was nog voordat ik mijn grote liefde ontmoette. Dus nog piepjong. Ik had een pen-vriendje. Hij woonde in Amsterdam. Hoe hij heette weet ik niet meer. Hij heeft waarschijnlijk niet veel indruk op me gemaakt. Toch heb ik hem één keer ontmoet. Hij had familie in de plaats waar ik woonde en die kerst zou hij met zijn ouders daar op visite gaan. Hij had geschreven hoe laat ze met de trein op het station in mijn woonplaats zouden aankomen en vroeg of ik dan naar het station kon komen zodat ik hem en ook zijn ouders eens kon ontmoeten. Dat was leuk en voor zo'n jong meisje reuze spannend.


Wat moest ik aan? Veel mooie kleren had ik in die tijd niet, daar was geen geld voor. Maar mijn haar zat altijd goed want ik was kapster, dus daar hoefde ik me geen zorgen om te maken. Ik wilde toch wel een goede indruk op die jongen en zijn ouders maken. Helaas was ik een nagelbijter! Zo lelijk, van die kort afgekloven nagels. Niet bepaald mooi. Daar moest ik wat aan doen want dat zou die mensen gelijk opvallen. Nagelstilisten zoals tegenwoordig bestonden toen nog niet. Bij de drogist kon je wel een doosje kopen waar tien kunstnagels in zaten. Ze waren van een soort plastic en je moest ze met lijm op je afgekloven nagels plakken. Dat was de oplossing, dacht ik. Zo zou men niet zien hoe vies mijn nagels er uit zagen. Dus dat zou helemaal goed komen.


Maar mijn andere gebrek was en is nog steeds dat ik in de ochtend niet op kan schieten. Als ik naar mijn werk moest kwam ik ook altijd te laat. Iedere dag zag ik de bus net voor mijn neus wegrijden en de volgende kwam pas tien minuten later. Dat mijn chef van de kapsalon daar niet blij mee was spreekt voor zich. Maar die ochtend was het belangrijk dat ik op tijd op het station zou zijn. Treinen reden in die jaren nog op tijd. Maar natuurlijk werd ik te laat wakker, dus snel aankleden, mijn haren doen en oh… die nagels moesten er nog opgeplakt worden!


Zo snel als ik maar kon deed ik dit alles. Het was koud buiten, dus handschoenen aan, van die wollige zwarte dingen. Hup jas aan en weg. Rennen naar de bus die me naar het station bracht. Gelukkig, ik was precies op tijd. De trein stopte voor mijn neus en het vriendje en zijn ouders stapte uit. Om hen een hand te geven was het wel zo netjes om die handschoenen uit te doen. Maar oh wat een ramp… de lijm was niet goed droog geweest toen in haast die handschoenen had aangedaan, dus bleven die plastic nagels aan de binnenkant plakken en kwamen mijn vingers er uit vol met plukjes zwarte wol. Het was of ik zwart haar op mijn vingertoppen had! Ik wilde wel door de grond zakken van schaamte toen ik mijn hand naar hen uitstak.


Wat die ouders van die jongen en ook hijzelf dachten heb ik nooit geweten, ze deden net of ze het niet zagen. Maar ik heb daarna nooit meer wat van hem gehoord. De pen-vriendschap was voorbij. Gelukkig maar want niet lang daarna ontmoette ik mijn grote liefde en dit nare incident werd vergeten. Het nagelbijten heb ik afgeleerd, gelukkig. Nu heb ik mooie sterke nagels van mezelf. Maar het niet op kunnen schieten in de ochtend daar heb ik nog steeds een probleem mee. Maar dat geeft nu niet meer, ik hoef nergens meer vroeg naar toe en kan dus lekker rustig aan doen.


Marijke Derksen